Still uit 'Palestine Underground'.

Hoe Palestijnen in Israël muziek gebruiken om grenzen te doorbreken

De nieuwe documentaire van Boiler Room laat zien hoe jongeren binnen de Palestijnse clubscene feesten organiseren waar dansen en politiek samengaan.

|
nov. 28 2018, 12:00pm

Still uit 'Palestine Underground'.

Er is een stille – of misschien helemaal niet zo’n stille – revolutie gaande op de dansvloeren van Palestina. De Palestijnse jeugd kan niet echt spreken van een bruisend uitgaansleven, maar een handjevol jongeren neemt het heft in eigen handen. Ze nemen deel aan een wereldwijde ontwikkeling, waarbij de club zowel een politiek geladen ruimte als een plek om te feesten kan zijn.

Het is belangrijk om te onthouden dat Palestina door grenzen een afgesloten plek is. Dit in tegenstelling tot Tel Aviv, een stad die erom bekend staat een levendige club- en muziekscene te hebben. Veel Palestijnen vinden dat ze in een bezet gebied wonen, waardoor het moeilijk is om hun cultuur te laten bloeien. De Israëlische Westoeverbarrière wordt door Palestijnen gezien als een muur van apartheid, in stand gehouden door de Israëlische autoriteiten die er burgers mee denken te beschermen tegen terrorisme. Dus hoe zorgt muziek ervoor dat Palestijnen aan beide kanten van de muren bij elkaar worden gebracht?

Dit is iets wat Boiler Room heeft onderzocht in hun documentaire Palestine Underground, die je hieronder kan bekijken. Het laat de groeiende muziekscene zien, en stelt je voor aan de grote spelers die erin opereren. In de film zie je meer dan de ellendige oorlogsgebieden die je regelmatig op het journaal tegenkomt. Want zoals elke plek op de wereld waar jonge mensen wonen, proberen jongeren hier te doen wat ze overal doen: keiharde muziek draaien en dansen.

Een militaire bezetting binnen een conservatieve cultuur maakt dat niet makkelijk. De bevolking van Ramallah (een Palestijnse stad in de Westoever) hebben met de overheid besloten dat luide muziek in het openbaar verbannen moet worden. Daardoor bestaat het nachtleven vooral uit huisfeestjes en afters. Bewoners van de Westoever hebben daarbij papieren nodig om door het land te reizen, en die worden nog vaak geweigerd. Daarom is het voor een clubeigenaar in Israël makkelijker om een internationale artiest te boeken, in plaats van een Palestijnse artiest. Mensen met een Israëlisch paspoort mogen zich daarentegen vrij bewegen door de Palestijnse gebieden.

Binnen de Palestijnse scene – en dan voornamelijk het nachtleven – staat Jazar Crew op de voorgrond. Dit is een collectief van vijf vrienden uit de Israëlische stad Haifa, dat in 2011 feestjes begon te geven om mensen bij elkaar te brengen en ze een plek te geven waar ze veilig kunnen dansen. In hun livesets combineren ze hun achtergrond met nieuwere invloeden – zo worden traditionele Arabische samples gemixt met glitchy electronica en drum-‘n-bass. Hun feesten vinden plaats in Kabareet – de eerste club in Haifa waar Palestijnen de eigenaar van zijn – waar veiligheid prioriteit is.

Zo werken ze met een gastenlijst, die niet wordt gebruikt om een exclusieve sfeer te behouden, maar om ervoor te zorgen dat iedereen die langskomt bij de club past. “Het concept van een dansvloer en feesten in het dagelijks leven was niet gebruikelijk voor Palestijnen,” vertelt Jazar Crew-lid Ayed mij. Ik spreek hem in Londen bij een voorstelling van de documentaire. “Om de dansvloer te beschermen en onze beweging sterker te maken, moesten we seksisme, chauvinisme, homofobie en machocultuur vanaf het begin al verbannen.” Iedereen is welkom op de feestjes, het enige wat je van je verwacht wordt is dat je achter de Palestijnen staat. “We willen hiermee menselijkheid en gerechtigheid voorop zetten,” legt hij verder uit. “Er komen veel Israëliërs op onze feestjes, zij geloven ook in onze statements, onze politieke agenda, en willen ook rechtvaardigheid.” Wonen in Haifa heeft voor deze (Arabische) artiesten voor- en nadelen. Met hun Israëlische paspoorten kunnen zij vrij reizen, maar het betekent ook dat ze buitenbeentjes zijn in hun eigen land. “De Israëlische muziekscene heeft altijd bestaan, maar we hebben er nooit deel van uit willen maken.” Hilal, een ander lid van Jazar Crew, beschrijft opgroeien als Palestijn in Israël als schizofreen. “Je groeit ergens op, diep in een cultuur, maar je begint dan langzaam te snappen dat het niet jouw cultuur is,” legt hij uit. “Er heerst altijd conflict in je hoofd. Zodra je de realiteit en waarheid voor jezelf begint in te zien, en alles om je heen ziet gebeuren, is het moeilijk om daarmee te leven.”

Ondanks dat gebruiken ze de privileges van hun paspoorten om een connectie te leggen met de Palestijnse muziekscene, en brengen ze Haifa en Ramallah samen via het nachtleven. Dit kan door lokale traditionele Arabische liedjes te samplen, of door feestjes te organiseren op plekken waar alle Palestijnen heen kunnen. Maar Jazar Crew is niet de enige die grenzen doorbreekt en de cultuur van Palestina terug op de kaart zet.

Een andere speler is Odai, een met tatoeages en piercings bedekte dj die in de documentaire over de muur tussen Israël en Palestina springt om te kunnen optreden. Of pak Sama’: een producer en dj die haar liefde voor elektronische muziek ontdekte bij een optreden van Satoshi Tomiie toen ze nog in Libanon woonde. Daarnaast heb je Saleb Wahed, een rapgroep die muziek maakt in hun Ramallah-dialect en –slang om zo hun eigen gemeenschap te bereiken. En Muqata’a mag je niet vergeten: de ‘Godfather van Palestijnse hiphop’. Zijn naam betekent ‘boycot’.

Muqata'a performing live

In de documentaire zie je Sama’ de harde techno spelen waar ze groot mee is geworden, waarbij ze samen met haar generatiegenoten op zoek gaat naar samples in een enorm archief aan Palestijnse muziek. Artiesten hadden hier eerder nooit toegang tot. “De scene groeit, we hebben nu zo’n vijftien dj’s terwijl we er tien jaar geleden geen één hadden,” zegt ze in de film. Over de mail vertelt ze me nog meer, vanuit de buitenwijk in Parijs waar ze nu woont. “Het is belangrijk voor ons omdat het een sleutel is naar vrijheid in onze eigen gevangenis. Voor de rest van de wereld is het belangrijk omdat het ons wat menselijker maakt. Als Europa ons ziet dansen op dezelfde muziek als waar zij op dansen, schept dat een band.”

Voor Muqata’a is de gemeenschap die de muziek creëert het belangrijkst, omdat het “een ruimte biedt op een plek waar de openbare ruimte is weggenomen.” Hij heeft de afgelopen vier jaar geprobeerd in Haifa op te treden, maar zonder succes. Hij kan niet de juiste papieren krijgen om erheen te reizen als een bewoner van de Westoever. Muziek is voor hem de oplossing. “De scene, in de vele vormen die het aanneemt, zet Palestina op de kaart zodat het niet compleet weggevaagd wordt,” vertelt hij.

Palestijnen hebben het gevoel dat hun cultuur gestolen en systematisch gewist wordt door de Israëlische bezetting. Het samplen van Arabische muziek in hun sets en rappen in hun eigen dialect is een manier voor Palestijnen om terug te vechten. Het zorgt ervoor dat ze niet compleet van de aardbodem verdwijnen. Hoe belangrijk deze scene is wordt door Muqata’a mooi samengevat wanneer ik hem vraag waar hij hoopt dat muziek hem ooit heen zal brengen: “Thuis."

Volg Noisey op Facebook , Instagram en Twitter.