De mensen achter de 'Ik haat de Randstad'-tour haten de Randstad niet

Maar ze noemen het wel een kruistocht tegen hun minderwaardigheidscomplex.

|
sep. 12 2018, 4:00am

Foto door Laurens van der Meulen

Tijdens de ‘Dan komen we wel naar júllie toer!' treden deze week drie bands uit Groningen op in Utrecht, Rotterdam en Amsterdam – of, zoals mensen het ook wel noemen: de Randstad. In de titel van die tour zit een interessant minderwaardigheidscomplexje gestopt. “Oké, wij komen wel naar jullie!” zeggen klinkt voor mij een beetje als een wanhopig verliefd iemand die zich bij jou thuis uitnodigt en dan vervolgens doet alsof jij hebt gesmeekt of die ander langskwam. Het is natuurlijk bedoeld om een lekker potje te schertsen, maar ik vroeg me af: is er echt nog een calimerocomplex vanuit Groningse artiesten jegens de Randstad? Voel je je als muzikant ‘minder’ als je in Groningen woont en niet in de Randstad? En zijn er verschillen in wat voor publiek je voor je neus krijgt? Dat wilde ik weten, en dus sprak ik met de organisator van de tour, Wilbert van de Kamp en leden van de bands Willie Darktrousers, De Messen en Electropoëzie.

Dit is de poster van de tour

Wilbert van de Kamp, zingt zelf niet, maar heeft jarenlang talkshows in Pakhuis de Zwijger georganiseerd, onlangs ook het Zwarte Zielen-festival en nu dus de Dan komen we wel naar júllie toer!

Noisey: Wilbert, waarom heb je deze tour georganiseerd?
Wilbert: Er zijn in het noorden best veel bands die daar nooit wegkomen. We willen laten zien waarom Groningen leuk is, waarom Friesland leuk is. Mensen denken dat hier niet zo veel gebeurt en dat we alleen maar lopen te zeiken over gaswinning. Terwijl: een aantal bands die we neerzetten zijn vernieuwend bezig. Het is daarnaast best lastig om voet aan de grond te krijgen in Amsterdam. Terwijl ik merk dat als je in Amsterdam iets organiseert dat typisch noordelijks is, mensen in de Randstad er wel voor gaan.

Wat is ‘typisch noordelijks’?
Voor mij is dat een vorm van nuchterheid en humor, maar ook een mate van experimenteren. De officiële titel van de tour is trouwens de ‘Ik haat de Randstad-tour’.

Huh, waarom?
O, provocatie.

Meen je het?
Nee. Nou, ik merk vooral – en dat ligt wel in die lijn – dat Amsterdammers altijd afzeggen bij evenementen. Mensen uit Utrecht en Rotterdam komen wel, maar in Amsterdam lijkt er wel zoveel te doen dat mensen op het laatste moment altijd kiezen voor ‘dichtbij’.

Nog meer haat voor Amsterdam?
Ja, nou, als mensen bij talkshows die ik organiseer een vraag mogen stellen, merk je toch dat ze in de Randstad vaak ook hun eigen cv even opnoemen. Ze profileren zich wat meer. Terwijl we in het noorden echt bescheidener zijn. Te bescheiden. Dus ja, dit is ook een kruistocht tegen het minderwaardigheidscomplex van noorderlingen. Snap je?

Nog niet. Maar daar kom ik wel achter.

Joost Oomen, dichter, zanger, drumt onder meer in De Messen

Joost: Hallo! Voor we beginnen: ik mag alleen positieve dingen zeggen over de Randstad, want we willen daar beroemd worden. Hier in het noorden houden mensen niet van rockmuziek, dus we moeten het van de Randstad hebben.

Noisey: Oké! Is optreden in de Randstad anders dan in de rest van het land?
Joost: Elke keer als mensen in de Randstad optreden zijn ze heel gespannen. Voor je het weet staat er een recensent van de Volkskrant in de zaal. Dus nemen mensen minder risico’s, en wordt er minder experimenteel opgetreden. Het is zo voor het echie. Daarentegen is er niemand die je in Groningen überhaupt gaat betalen voor een optreden waarbij je je gedichtjes of muziek laat horen. Daar kan je tien jaar lang prutsen in een hoekje met je synthesizer of je gedicht. En als je dan gaat optreden komt er gewoon niemand kijken. In Groningen staat de Volkskrant nooit in de zaal, dus daar kun je experimenteren tot je er dood bij neervalt.

Is het publiek in de Randstad anders dan in het noorden?
Ik had het er laatst met Wyno over, die ook in De Messen speelt. Hij zegt dat al het Nederlandse publiek wel leuk is, behalve in Noord-Holland. Daar is verschrikkelijk publiek. Ik ben het daarmee eens. Als je in Hoorn speelt is het echt niet leuk. Die mensen kijken je aan van ‘ga alsjeblieft weg met je band’. Die houden de armen over elkaar en geven zeer mager applaus. En na afloop komen ze dan naar je toe en zeggen ze: "volgende keer weer hè!" En dan begint er altijd iemand over hoe fantastisch Jan Akkerman is, van Focus. Dat vinden mensen daar mooi. En verder, god. Een publiek is voor mij eigenlijk alleen pas echt kut als ze met z’n tweeën zijn.

Ja.
O ja, een vriendin van me trad laatst op in Arnhem. Na afloop kwam iemand naar haar toe en die zei: "Sterkte."

Kan het ook anders? Wat was je mooiste optreden?
Ah, dat was tijdens Lochem Rock City. Willie Darktrousers was er ook. Daar was een Brakke Brunch georganiseerd door vijf 17-jarigen. Er kwam niemand, want iedereen was te brak. Wel stonden er tientallen knuffels in de tent. Daar heb ik toen maar voor voorgedragen. Na mij kwam er een man een verhaal vertellen. Hij vertelde hoe hij te paard langs monumenten voor omgekomen joden en verzetshelden reed. Het meest gedetailleerd vertelde hij over de ongeplande sherrystops die hij met zijn paard maakte. Dan ging hij sherry drinken in een café.

Harmen Ridderbos, speelt onder meer in Electropoëzie en Town of Saints

Noisey: Harmen, hoe is het om als muzikant in Groningen te wonen?
Harmen: Het is een relaxte stad, waar toch best veel gebeurt. Het is alternatief, maar niet zo druk of gehypet als steden in de Randstad. Je hebt hier de ruimte om creatief je gang te gaan – zowel qua woonplekken als financieel. Ik woon samen met mijn vriendin in een groot huis in de binnenstad voor 500 euro. Ik hoef dus geen dikke baan naast mijn muzikantschap te hebben om het hoofd boven water te houden. Met Town of Saints treed ik al zeven jaar door heel Nederland, België en Duitsland op, dus ik heb wel wat gezien.

Heb jij iets tegen de Randstad?
Wilbert en ik zeiken vaak op de Randstad, maar dat is eigenlijk ook maar een geintje. Amsterdam voelt zich soms middelpunt van de wereld. Dat is gechargeerd. Maar ik denk dat het... ik weet niet of het arrogantie is, of iets anders. Op Sziget raakte ik aan de praat met iemand uit Amsterdam, en toen liep-ie snel weg toen ik zei dat ik uit Groningen kwam. We kennen veel Groningers die naar de Randstad zijn verhuisd, de tour is ook een beetje voor hen bedoeld.

Wat is het verschil tussen optreden binnen versus buiten de Randstad?
In Amsterdam is het publiek verwender, cooler, lachen ze niet snel om grapjes van de artiest. Er wordt ook veel gepraat tijdens het optreden. Je moet soms heel duidelijk zeggen: even bij de les blijven! Als je Utrecht en Rotterdam vergelijkt is het ook weer anders. Rotterdammers gaan eerder mee. Het karakter van Rotterdammers en Groningers komt meer overeen. In Amsterdam is het terughoudender en moet je net als in Utrecht vaak heel hard je best doen om mensen aan het dansen te krijgen. In Rome en Berlijn merk je dat ook wel. Het is een grootstedelijk probleem. Daar heeft men een blasé, kom-maar-op-mentaliteit.

Waar heb je het vervelendste publiek meegemaakt?
Dat was toen ik in een café in Amsterdam moest optreden. Twee meisjes die vooraan bij het podium zaten luisterden twee noten lang naar het optreden. Daarna draaiden ze zich om en gingen ze over verzekeringen praten. Ik kon het woordelijk verstaan. Het waren hippe, mooie vrouwen. Ik maakte een beetje sarcastische opmerkingen, maar die kwamen niet aan. De rest van het publiek kreeg ik gelukkig een beetje op mijn hand, maar dat was wel zweten geblazen.

Emiel Joormann, ook bekend als Willie Darktrousers, is electrotroubadour en rapper

Foto door Alwin Sinnema


Noisey: Emiel, ik spreek jou als laatste van het stel, misschien wil jij de bruggenbouwer zijn tussen de Randstad en het noorden.

Emiel: Oké. Ik zit in een auto vol spullen, ik verhuis net van Groningen naar Utrecht, ik ben aangenomen op de HKU.

Ah! Heb jij het idee dat noorderlingen zich minder of kleiner voelen dan Randstedelingen?
Nee. Ik vind het altijd wel prettig om bijvoorbeeld met een groep Friezen in Amsterdam te zijn. Mensen verstaan je niet, en als een optreden dan toch goed gaat, voel je je een beetje als een plunderende piraat.

Eerder de viking-vergelijking dan de ‘boerenpummel op pad’-analogie.
Ja! Maar beide vergelijkingen zijn tegelijkertijd waar. Ik heb ook weleens dat ik ergens optreed en dat mensen mijn accent na gaan doen. Mensen doen daar ontzettend flauw over. Dan doen ze het na, in mijn gezicht, en denken ze dat dat grappig is.

Wat doe je dan?
Vuil kijken. Het zijn smakeloze mensen. En als ze je hebben nagedaan beginnen ze over Zaai, met Plien en Bianca.

Haha, oei. Maar goed, bruggen bouwen.
Ehm, nou goed. Ik ga naar de HKU en ik kijk ernaar uit om met allerlei nieuwe mensen samen te werken. Want even serieus: ik geloof er wel in dat je door samen te werken de cultuur vooruit kan helpen. Dus ik hoop dat ik de mensen die ik goed ken in het noorden in contact kan brengen met kunstenaars in de Randstad en dat we zo weer mooie nieuwe dingen maken.

Waarom?
Omdat de waarheid naar de kloten gaat. Grote bedrijven schijten de waarheid onder, het is aan kunstenaars om die weer goed te vertellen.

En dat ga je ook doen tijdens de Dan komen we wel naar júllie toer?
Ja!

De bovengenoemde bands treden met elkaar op in Ekko, Utrecht (13 september), Cinetol, Amsterdam (14 september), Worm, Rotterdam (15 september) en Simplon, Groningen (21 september).