Deze ouwe punkmuzikanten schoppen geen relletjes meer, maar zijn nog wel anti-establishment

We zochten een aantal leden van Tedje en de Flikkers, Nasmak en Human Alert op in hun nieuwe habitat.

|
28 maart 2017, 3:43pm

Ook punkers worden oud. Nou ja, niet allemaal. Sid Vicious klokte vroeg uit, Jay Reatard maakte het niet laat, maar gelukkig zijn zij in de minderheid. We vroegen ouwe punkers, die ooit in een in Nederland legendarische punkband speelden, hoe het tegenwoordig met ze gaat en hoe ze over de wereld denken.

Beeld door Rebecca Camphens

Controversieel, homoseksueel en punk: Tedje en de Flikkers
"Het was niet onze opzet, maar ik denk dat we met ons grenzeloze gedrag het publiek zich vrijer lieten voelen."

Tedje en de Flikkers was de eerste Nederlandse homopunkband, en nog altijd heeft niemand ze weten te evenaren. Zoals de bandnaam al doet vermoeden: Tedje was de enige vrouw, de rest was flikker. Met liedjes als Ik Ben Een Hoer, LijfLijk, Sjit en Stukje Lul brachten ze twee werelden bij elkaar die op het eerste gezicht onverenigbaar lijken; homo-activisme en de masculiene punkbeweging. De teksten waren direct, schunnig, en hun optredens losbandig. Voor sommigen gingen ze te ver. Sony weigerde destijds hun LP te persen, het personeel zou niet bestand zijn tegen hun vrije seksuele moraal.

Het is precies veertig jaar geleden dat Tedje en de Flikkers in Nijmegen werd opgericht. De frontman van het stel is Marty van Kerkhof. Hij is met pensioen. Thijs, de drummer van Tedje en de Flikkers, is nog altijd zijn partner en samen wonen ze in de Amsterdamse Jordaan.

Noisey: Ik ben zeer benieuwd: wat is er veertig jaar later nog punk aan je?
Marty van Kerkhof: Ik hou niet echt van punk, joh. Toen ook al niet hoor. Ik vond het simpel, en het was niet dansbaar. Ik was meer van de soul, maar soul is veel moeilijker om te maken. We waren homoactivisten onder de naam Rooie Flikkers, maar met actievoeren had ik het wel zo'n beetje gehad. Niks mocht in die tijd, zelfs voor een kraampje met informatie over homoseksualiteit kreeg je geen toestemming. Tedje had punkvrienden en kwam toen met het idee om een punkband te beginnen. Het harde en snelle van punk paste goed bij wat we wilden uitdragen. De liedjes waren uit het leven gegrepen, en ook behoorlijk anti. Anti-smerissen, anti-gezag en anti-Van Agt.

Het liedje 'Ik Ben Een Hoer' klinkt zonder context van toen bespottelijk, bijna als een grap. Maar ook dat lied is uit het leven gegrepen?
Ik ben een blauwe maandag hoerenjongen geweest. Ik wilde ervaren hoe het is om voor geld seks te hebben met een compleet onbekende. In het liedje neem ik de klant een beetje op de hak. Het refrein weet ik nog wel:

Ruk me af, pijp me maar, grijp je kans
Nu ben ik er voor jou
Je wil dat ik je pijp
Wellustig spuit je in mijn mond... maar
Bedenk wel ik verkoop je illusies
Jij bent de klant en ik ben een hoer

Het is nog altijd een sterke tekst, vind ik. Ik beleefde het heel erg als een zakelijke transactie. Ik deed het niet fulltime, ik was nog student, maar heb het toch nog best even uitgehouden, een jaar of zo. Aan het einde van het lied roep ik mijn telefoonnummer. Ik ben daarna nog regelmatig gebeld, vaak in de avonduren als mensen dronken op een feestje waren en het lied draaiden. Ik nam altijd op. Ik wilde niet fake zijn. Dit hoorde erbij, het was mijn business, daarom gaf ik ook mijn echte nummer. Je kon me altijd bellen.

Het was de tijd van 'I Will Survive' en 'YMCA' – liedjes die zijn uitgegroeid tot gayanthems. Was punk eigenlijk een beetje populair in de homogemeenschap?
Helemaal niet zelfs. De homoscene vond ons vaak te hard en te grof. We traden ook niet zo vaak op in het homocircuit, vaker in jongerencentra en Paradiso of 013. Mensen vonden ons waarschijnlijk volstrekt mal, maar ook wel weer geinig. Twee keer werden we gevraagd om in Zeeland te spelen, in het badplaatsje Zoutelande. De eerste keer stond het afgeladen vol, ik denk toch vooral omdat ze het iets raars vonden en uit nieuwsgierigheid kwamen kijken. De tweede keer voelde ik tijdens het optreden wat aan mijn voeten. Zag ik ineens een naakte jongen de veters van mijn schoenen aan elkaar proberen te knopen. Het was niet onze opzet, maar ik denk dat we met ons grenzeloze gedrag het publiek zich ook vrijer lieten voelen. Er heerste ongein, ook wij gingen weleens uit de kleren.

Het was niet alleen maar lachen. Sony weigerde jullie LP te persen.
Ze vonden het onverantwoord voor hun werknemers, want zij zouden allemaal vreselijke dingen te horen, te zien en te lezen krijgen. Naar aanleiding van dat nieuws werd de band uitgenodigd voor allerlei programma's op radio en tv. Ook bij Radio Stad in Amsterdam, de voorloper van AT5. Daar belde Willem van de Hells Angels in om me met de dood te bedreigen. Ik was een vieze vuile flikker en moest een mes in mijn donder krijgen.

Als je kijkt naar het huidige klimaat, hoe hard zijn Tedje en de Flikkers dan nog nodig?
Ik zou dat persoonlijk wel nodig vinden, al zou een ander genre nu wel meer op zijn plaats zijn. Geen punk meer, maar hiphop. De liedjes van tegenwoordig vind ik nogal braaf. Commercieel braaf. Iedereen wil succes, geld verdienen. Dat ene liedje met al die tieners die... ik weet even niet meer hoe het gaat, dat vond ik wel een leuke.

Je bedoelt Lil Kleine over alle tieners die ja zeggen tegen mdma? Ja, dat nummer is ondermijnend, het kietelt de gewone burger en je doet iets goed als je ouders boos weet te maken. Wat dat betreft is die Kleine best punk.

Beeld door Bosko Hrnjak

Bij Truus de Groot (Nasmak) zit punk voor altijd in haar DNA
"Ik ben nog altijd anti-establishment en met Trump aan de macht is dat alleen maar toegenomen."

Op haar eenentwintigste vertrok Truus de Groot met haar muziekproject Plus Instruments naar New York om daar met de Amerikaanse muzikant David Linton samen te werken, waarna ook Lee Ranaldo (later Sonic Youth) aanhaakte. Ze kwam nooit meer terug, en toch heeft ze in de korte periode dat ze in Nederland woonde aardig wat losgemaakt. Ze speelde in de experimentele postpunkband Nasmak, getekend bij het legendarische punklabel Plurex van Wally van Middendorp (die weer met zijn band Minny Pops bij Factory Records zat). Het was Truus die voor het experiment zorgde, door tekeer te gaan op de kraakdoos. Met Plus Instruments brengt ze nog altijd muziek uit, en telkens weer met andere muzikanten. Ik belde naar Escondido, vlakbij Mexico, waar ze samen met haar man Bosko woont.

Noisey: Ha Truus, je komt oorspronkelijk uit Eindhoven, de stad die je op jonge leeftijd verliet. Hoe was de punkscene daar eind jaren zeventig?
Truus de Groot: Eindhoven was een dooie stad. Bedrijven als Philips en DAF liepen achteruit, er was weinig te doen en als je er iets anders bij liep werd je al snel vreemd aangekeken. Het was het perfecte klimaat voor punk. Als ik op het podium stond, werd ik regelmatig bespuugd of bekogeld, maar punk heeft ook een sterke, simpele kracht en een specifiek doel: je gevoelens en frustraties kunnen uiten. Dat is heel nuttig. In die zin maak ik nog altijd punk, het zit echt in mijn muzikale DNA. Plus Instruments is elektronisch, maar er zit een oerkracht in, het is ongepolijst.

Hoe diep zit punk verder nog in je DNA?
Heel diep. Ik ben nog altijd anti-establishment en met Trump aan de macht is dat alleen maar toegenomen. Met zo iemand als president kun je toch alleen maar schreeuwen? Ik ben wel volwassener geworden, ik snap dat je je op een bepaalde manier moet aanpassen. Amerika is altijd voorloper geweest, of het nou goed of slecht is. Nu is het slecht, en toch denk ik dat het beter is om je dichter bij het vuur te begeven, zodat je het kunt blussen. Als ik niet zo lui was, zou ik me politiek gaan mengen. Er is zoveel onrecht, misschien dat ik het alsnog wel ga doen.

Wat voor muziekscene is er in Escondido?
Ik werk liever geïsoleerd aan muziek, en als ik met anderen samenwerk doe ik dat liever op afstand. Ik weet wel dat er hier in de buurt een paar bands actief zijn, maar ik zal niet snel aanhaken. Elke avond in een club zitten is ook niets voor mij. Ik vind het leuk om platen te maken, zoals ik laatst deed met een Braziliaanse muzikant. Maar zodra dat klaar is, ga ik weer verder met iets anders. Ik heb dat overgehouden aan mijn tijd met Nasmak. Al dat repeteren en toestanden, dat ging me tegenstaan. Impulsiviteit en improvisatie leidt tot veel meer creativiteit.

Vanaf een afstand kun je Nederland goed in de gaten houden. Wat valt je op aan de Nederlandse muziekwereld?
Dj's zijn de sterren van het podium geworden. Met een usb-stickie staan ze plaatjes te draaien in gigantische hallen. Het is wat ik vroeger had als ik Gang of Four zag optreden, alleen is het niet live meer. Ik vind dj's cool, begrijp me niet verkeerd, maar ik vind het jammer dat ze de directe concurrent van muzikanten zijn geworden. Mensen willen horen wat ze al kennen, het moet herkenbaar zijn, en dat zit innovatie in de weg. Overigens is dat hier ook aan de hand, wat dat betreft is er geen verschil.

Met wie in Nederland zou je best nog eens willen samenwerken?
Dick Verdult, misschien wel beter bekend als Dick El Demasiado. Hij is een oude vriend en echt fantastisch. Maar hij is een beetje zoals ik; hij werkt graag alleen, dus kleine kans dat het gaat gebeuren. Mathilde Santing misschien wel. Ik vind haar een heel tof wijf, en het zou voor haar leuk zijn om een beetje uit haar comfortzone te stappen. Rats on Rafts zag ik ook een tijdje terug in Nederland, die vond ik erg goed.

Het is bij jou ochtend. Wat ga je verder doen vandaag?
We hebben een zaak voor de kunst van mijn man, daar doe ik vaak dingen voor zoals de administratie, of ik doe iets in de shop. En ik ga een nieuw project beginnen. Gisteren heb ik dat besloten. Ik maakte een foto van iets onbenulligs, maar die foto mislukte. Er zaten allemaal strepen op. Ik zag er meteen een hoes in voor een ambient-album, dus dat ga ik nu maken. Als ik eenmaal weer aan een project begin, gaat dat de hele dag door. Ik wil dat het album straks geschikt is om in massagesalons te spelen. In de salon waar ik altijd kom, draait de vrouw afschuwelijke mystieke ambient, daar moet eens wat aan gedaan worden.

Een nagekomen bericht van Truus: haar ambient-album heeft de koers gewijzigd naar een zwaar experimentele plaat. "Dus niks voor massagesalons."

Beeld door Rebecca Camphens

Human Alert: anti in de gelukkige jaren negentig
"De wereld om ons heen was een behoorlijk gespreid bedje, dan ga je kijken hoe ver je kunt gaan."

Het pak dat Willum Geerts hierboven op de foto draagt, is hetzelfde pak dat hij droeg bij het afscheidsconcert van Human Alert in 2012. Hij noemt het zelf een 'ensemble van vuilniszakken'. Na vijf jaar zit het nog als gegoten. Willum was een van de twee zangers en speelde trombone. Voor een punkband is Human Alert met 22 jaar behoorlijk oud geworden, en ook was het een opvallende verschijning. Iedereen was rijk in de jaren negentig, en iedereen leek gelukkig, maar Human Alert was tegen. Tegen het koningshuis, God, fascisme, maar net zo goed tegen de clichés binnen de punk zelf. Ze waren de Rembo & Rembo onder de punks met absurdistische en grove teksten. Gewoon af en toe lekker hard 'kut' roepen deden ze ook, zoals in cultklassieker Kerk en Staat.

Noisey: Human Alert heeft geen wikipediapagina. Alsof jullie nooit hebben bestaan, wat doet dat met je?
Willum Geerts: Blijkbaar hebben we geen trouwe fans en we mogen hem zelf niet aanmaken. En er is ook geen site meer. In de tijd dat we nog bestonden was onze site zo hightech en interactief, dat-ie te complex was om makkelijk te updaten. Dus toen is die uiteindelijk maar offline gehaald. Er rest nog slechts een ordinaire in-memoriam-pagina op Facebook.

En dat terwijl jullie het voor een punkband – waarvan de gemiddelde bestaansperiode drie jaar is – opvallend lang hebben volgehouden.
Het ging niet vervelen, ik denk dat dat komt omdat we het onderling erg leuk hadden en vanwege onze optredens. We improviseerden veel, we waren theatraal. Elke keer was het anders. Op een gegeven moment vond ik wel dat de band creatief stil kwam te staan.
Ik zag mij mezelf elke keer weer op de grond werpen. Ik was een cliché van mezelf aan het worden.

Human Alert viel op tussen alle skatepunkbands. Jullie waren maatschappijkritisch, antifascistisch, antireligieus en antikapitalistisch, maar in de jaren negentig en nul kon het geluk toch niet op?
De wereld om ons heen was een behoorlijk gespreid bedje, dan ga je kijken hoe ver je kunt gaan, je grenzen opzoeken – in uitspraken en acties. Zelfs wanneer het voor de wind gaat, is het goed om kritisch naar de wereld te kijken. De glimmende toplaag heeft altijd een keerzijde, zeker in het geval van kapitalisme. Blijf scherp kijken naar alles om je heen, ik denk dat dat toch vooral onze boodschap was. Houd een kritische blik, ook naar binnen, naar de punkscene zelf.

Punkers kwamen er bij jullie bekaaid van af; zelfs op de kledingstijl leverden jullie commentaar.
We noemden ons punk binnen de punk, omdat we ook punks een spiegel voorhielden. Je conformeren aan voorgeschreven regels, dat is toch eigenlijk helemaal niet punk? Skateboarders, rock-'n-roll-types, we namen ze allemaal op de hak. Toen we eens in Zwitserland speelden, stond de zaal vol met rich kids die ons aangaapten van what the fuck gebeurt hier? Roel (bandlid, red.) en ik besloten daarom met elkaar te tongen, puur uit provocatie. De walging was door de hele zaal hoorbaar. Wat dat betreft hadden we wel een goed gevoel van wat binnen een context misplaatst zou kunnen zijn.

Jullie hadden vast veel vrienden in de scene?
Niemand! (lacht). Nou ja, we gingen onder anderen veel met de anarcho-politici van Seein Red om. We speelden veel met NRA, en zo ontstonden dan weer andere bandjes zoals Dead Stool Pigeon. Verder waren er vooral veel pretpunkbands met een richkid-attitude. Pennywise, Lagwagon, et cetera, vreselijk. Al denk ik wel dat als er toentertijd niet zoveel aandacht voor pretpunk was, er ook niet zoveel aandacht voor ons was geweest, dus in die zin hebben we aardig wat aan ze te danken. 

Je bent kunstenaar. Human Alert beschouwde je als onderdeel van je kunstenaarschap. Wat hebben je oude werk, Human Alert, en je nieuwe werken met elkaar gemeen?
Human Alert beschouw ik als een collectief kunstproject. Met de band probeerden we verwarring op te roepen door de werkelijkheid continue te kantelen, met humor en maatschappelijk engagement. Dat is ook de basis van mijn eigen werk.

Er heerst aardig wat onrust, met Trump aan de macht en een verharding in de Nederlandse samenleving. Welk medium kan het beste die onrust kanaliseren?
Ik denk dat geen enkel medium nog voldoende is. Kunst is steeds meer buiten de maatschappij komen te staan en als elitair weggezet. Het is een ongrijpbaar iets geworden. Om echt iets gedaan te krijgen, moeten we toch echt zelf in actie komen. 

Wat staat je het meest tegen?
Het ontbreken van de nuance. We leven in een complexe tijd. Verschillende dingen lijken nu samen te komen – denk aan de vluchtelingenproblematiek, het racisme, de groter wordende kloof tussen rijk en arm. Hoe dat in elkaar grijpt, vind ik behoorlijk fascinerend om als fenomeen van een afstand te bekijken. Maar de kortzichtige en lompe manier waarop ermee wordt omgegaan is totaal destructief. Het is een keiharde en verschrikkelijke werkelijkheid die veel schade gaat veroorzaken. Maar zo zit de mensheid dus blijkbaar in elkaar.

Nuance, het tegenovergestelde van wat Human Alert ooit was.
Nou nee. We waren bewust kort door de bocht. "Kut" roepen komt misschien een beetje puberaal en baldadig over, maar het zet mensen wel aan het denken. Althans, dat was onze bedoeling.

Vind je jezelf nog punk?
Ik heb weinig met het woord 'punk' zoals het in de volksmond bekend staat. Het is een term die in de loop der tijd is uitgehold. Van de energieke tegenbeweging die het ooit was, naar een commercieel product. Maar het DIY-principe vind ik nog altijd een mooi gegeven, en heb ik ook altijd erg hoog in het vaandel staan, zeker in een wereld waar alles te koop is.

Zie je ex-bandleden nog wel eens?
Ik zie ze morgen weer, eens in het half jaar gaan we kaasfonduen.

Nagekomen bericht: Willum wilde graag dat we een linkje naar zijn site erbij plaatsten. Hierbij het linkje: www.willumgeerts.nl