“Mensen zien het als een uitdaging om mij kapot te maken”

Mocromaniac over de Bijlmerbeef en zijn leven als soloartiest. Want er komt een EP uit en wel ~nieuws!~ op Top Notch.

|
sep. 16 2014, 8:49am


MocroManiac is gaande. Hij heeft de stem, de looks, de boosheid; hij heeft swag, zo je wil. En hij komt ongetwijfeld ook in jouw top 3 MC-lijstje van dit jaar voor. Maniac genereerde de afgelopen jaren dan ook een hoop media-aandacht. Zo dropte hij talloze studiosessies en de goed ontvangen mixtape Mani4president. Begin augustus haalde hij zelfs eliteshow Zomergasten waarin regisseur Jim Taihattu een shout-out gooide naar de rapper uit Kraaiennest (presentator Wilfried de Jong: ‘Wie is deze boef?’ Jim: ‘Écht een van de beste rappers van Nederland, technisch gezien’).

Verder is Maniac - misschien wel geheel buiten zijn eigen wil om - verwikkeld geraakt in een heuse Bijlmerbeef, wat maakt dat zelfs Lexxxus de Don zonder enige gêne pleit voor het stoppen van diens carrière (’done, G!’). Maar de vraag is of Maniac zich iets aantrekt van dergelijke meningen, of dat het hem juist hongeriger maakt als MC. In de zomer van 2014 heeft in ieder geval de halve rapgame een mening over hem. En oh ja, binnenkort komt zijn nieuwe EP uit onder Top Notch.


Abdelilah Foulani komt uit de Bijlmer, Kraaiennest, de een-na-laatste metrohalte van metrolijn 53 om precies te zijn. “Een van de rauwste plekken in ons land,” aldus de rapper zelf. Geboren in december 1987 en opgevoed door zijn moeder, die het niet breed had. Het is een vrij klassiek verhaal: straatschoffie dat godzijdank z’n woede weet om te zetten in muziek en daar ook nog eens succes mee weet te behalen. Started from the bottom. Zo ging het ook met MocroManiac.

Noisey: Hoe was de omgeving waarin je opgroeide?
MocroManiac: Het waren skere tijden. Ik was wild, roekeloos. Had geen idee wat ik wilde met mijn leven. Ik was nooit thuis, altijd buiten. In groep 3 werd al gezegd: dat is een vervelende jongen. Moest ik naar speciaal onderwijs. Daarna ben ik naar de middelbare school gegaan, maar daar heb ik het ook niet gered. Na de tweede klas kwam ik op het PPI (Psychologisch Pedagogisch Instituut) terecht, een school voor zeer moeilijk opvoedbare kinderen. Ook dat was geen succes.

Daarna kwam ik vast te zitten. Toen was ik 14 jaar. Waarvoor? Tja, domme dingen. Straatroof en zo. Laat ik het zo zeggen: als ik iets nodig had, dan pakte ik het van mensen af. Dat is hoe de buurt werkte, wat ons motiveerde. Onwetend dingen doen.

Ik rap al langer, sinds 2007. Maar het was slechts een hobby. Ik dropte misschien twee keer per jaar een liedje op YouTube, slechte kwaliteit, alles. In Kraaiennest had ik een soort streetfame, maar daarbuiten nog lang niet. Later, in 2009, ben ik met Hydro in contact gekomen. Hij wiste dat ik rapte en zocht mij op toen ik vastzat. Hij wilde iets starten en hij kende mensen met een studio en zo. Waaronder Rotjoch, ik kende hem slechts van de buurt, ik wist wel wie hij was.

Samen met Hydro en RQS vormde je vervolgens de groep Hydroboyz, waarmee je hits scoorde en overal in het land optrad. Hoe kijk je terug op die tijd?
Die tijd met Hydroboyz is de mooiste periode van mijn carrière tot nu toe. Het succes is me overkomen. Ik had nooit gedacht dat het zo hard zou gaan, we hadden nog maar één mixtape gedropt. Rotjoch had een visie; ik was zelf altijd meer van de beats à la Dr. Dre en zo, maar Rotjoch heeft ons echt op die clubtracks gezet. Ineens stonden we naast acts als The Opposites, die al jaren hadden gewerkt om daar te staan.

Toen Hydro een halfjaar geleden vrijkwam, wilde ik niet meer verder met Hydroboyz. Het was niet meer als vroeger. Ik heb met Hydro gesproken, er goed over nagedacht en daarna heb ik die tweet eruit gegooid. Ik moest het tweeten, het was de stempel voor mij als soloartiest.

Ik zal je eerlijk zeggen: sinds ik solo ben, is alles veranderd. Muzikaal gezien is solo sowieso lekker. Maar het is anders. Ik moet er nu echt wat van maken. Ik ben nog niet eens echt als MocroManiac begonnen en ik krijg nu al een hoop bullshit over me heen. Maar ik zie het ook positief.


Met ‘bullshit’ doelt Mocro natuurlijk op de zogenaamde Bijlmerbeef waarin hij het mikpunt lijkt te zijn. Op Twitter en YouTube vliegen termen als ‘gangster’, ‘snitch’ en ‘moonwalk’ over en weer.

Wat wil je zeggen over die hele situatie?
(Maniac zucht eerst diep.)
Ik ervaar het niet als fully negatief. Het maakt me relevanter, het geeft me meer luisteraars. Mensen zien het als een uitdaging om mij kapot te maken, maar ik hoef me niet te bewijzen, ze weten hoe ik ben. De hiphopgame is altijd al zo geweest. Als je hard bent, en mensen willen zoals jij zijn, dan gaan ze met je struggelen. Me against the world-shit. Ik moet nu een tijdje laag blijven. Maar ik heb daarnaast ook gewoon betere dingen te doen. En als mensen een reactie van mij willen hebben: je kunt het genoeg terughoren in mijn muziek. Veel van mijn tracks gaan over deze hele shit. Ook mijn laatste Barz-sessie. Mijn muziek is gericht aan de valse mensen.

(Na een korte stilte.) Mensen moeten wel begrijpen: ik ben ook maar een mens. Ja natuurlijk, mijn bars komen hard aan, ik kan goed rappen. Ik ben zeker geen lieverdje, maar ik ben ook geen superman. Besef gewoon: rap is rap en reality is reality. Maar ja, die hele beef-shit hoort nu eenmaal ook een beetje bij hiphop.

Wat vind je van de reactie van Lexxxus?
Ik vind het grappig. Hij praat over mijn carrière terwijl hij er zelf nooit een heeft gehad. Wat je ook doet, haters zijn er altijd. Je bent in deze tijden niet relevant als je niet over MocroManiac praat, daar lijkt het een beetje op.

Je rapt regelmatig dat je ‘true’ en ‘real’ bent; veel rappers roepen het, en bij zeker 90% komt het ongeloofwaardig over. Waarom denk je dat het bij jou wel geloofwaardig over komt?
Kijk: ik zet ‘real’ over in kunst. Picasso schildert een vrouw, en jij gelooft dat die vrouw op het doek naar jou kijkt. Het is zó mooi, dat je het wilt kopen. Mensen moeten me wel geloven. Ik kom uit een omgeving waardoor je zou moeten begrijpen waarom ik rap zoals ik rap. Er is een hoop gaande in Kraaiennest. Daarnaast heb ik de lyrics, de flow. Ik heb het hele pakketje dat die hele realness versterkt. Begrijp je? Ik ben serieus, ik praat geen onmogelijke dingen. Mensen nemen dat van me aan.

Als de mic aanstaat, voel ik die adrenaline opkomen. Alsof ik in de ring sta. Het lijkt alsof ik sta te boksen, dat is ook wat mij zo’n harde rapper maakt. Mensen moeten nokkie. Maar ja, natuurlijk ben ik boos. Ik heb lang gestruggled. Er waren nooit kansen vroeger. Ik heb lang moeten wachten voor dit, ook ten tijde van Hydroboyz.

Je 101Barz-wintersessie begin dit jaar tikt bijna anderhalf miljoen kijkers aan. Wat maakt die sessie zo goed?
Mensen kenden me natuurlijk al. Maar die wintersessie van een halfjaar geleden, die heeft de emmer doen overlopen. Ik heb die Twista-beat en daar durft echt niet elke rapper aan te zitten! Je moet rennen door die beat. Toen ik die eerste lyrics schreef (Maniac begint te rappen: ‘Laat me niet geven wat die mannen verdienen m’n adrenaline negen millimeter motherfuckers...’), wist ik al: dit gaat aanslaan. En die freestyle op het einde heeft er natuurlijk ook aan bijgedragen. Het was spontaan.

Op het moment werk je aan een nieuwe EP. Wat kun je daar over vertellen?
Het wordt een solo EP. En dan bedoel ik ook echt solo, acht nummers, nul featurings. Je wil niet weten hoeveel zin ik daar in heb, man. Met Top Notch heb ik goede begeleiding. Zij gaan de EP ook uitbrengen; dat was nog niet bekend inderdaad, dus bij dezen. Hij komt er snel aan, we zijn ermee bezig.

Je zit eigenlijk nog in de groei van je carrière. Ben je over tien jaar nog steeds de rapper MocroManiac?
Mani grapt
: Als ze me nog willen horen. Tja, ik heb niets anders. Ik wilde nooit iets worden, totdat ik rapper werd. Misschien dat ik op m’n 36e wel producer ben, en dat ik jongeren op weg help met hun muziek.

Het gaat dus gewoon goed met je.
Muzikaal sowieso. Het is als fietsen, ik heb nu wel bewezen hoe ik fiets. Ik heb het. Mensen willen mij horen.


Mocht je MocroManiac willen checken: hij staat op 29 november op De Definitie van Hiphop in 013, Tilburg.